Het "ne bis in idem", een kernprincipe van het recht dat verbiedt om tweemaal voor hetzelfde feit te worden berecht, vindt een bijzondere toepassing op het gebied van preventieve maatregelen. De Corte di Cassazione (Hof van Cassatie), met uitspraak nr. 29437 van 14/07/2025, heeft cruciale verduidelijkingen geboden over de herwaardering van sociale gevaarlijkheid. Deze uitspraak, met betrekking tot de zaak van M. A. en met P.M. S. G., waarbij een beslissing van het Hof van Beroep van Napels met verwijzing werd vernietigd, schetst een delicaat evenwicht tussen de stabiliteit van het rechterlijke oordeel en de bescherming van de gemeenschap.
Vastgelegd in artikel 649 c.p.p. (Wetboek van Strafvordering) en artikel 4 van Protocol nr. 7 van het EVRM, beschermt het "ne bis in idem" het individu tegen herhaalde processen. De toepassing ervan is echter niet absoluut, vooral niet voor preventieve maatregelen, die, hoewel geen strafrechtelijke sancties, de vrijheid beperken op basis van een prognose van toekomstige gevaarlijkheid.
Gereguleerd door D.Lgs. 159/2011 ("Codice Antimafia" - Wetboek ter bestrijding van de maffia), zijn preventieve maatregelen instrumenten die gericht zijn op het bestrijden van criminaliteit, door de vrijheid of goederen van personen die als sociaal gevaarlijk worden beschouwd, te beperken. Ze werken preventief. De kernvraag is: kan een persoon aan wie een preventieve maatregel is ingetrokken, opnieuw het doelwit worden als er nieuwe elementen naar voren komen?
De uitspraak van de Cassatierechter, met voorzitter Dott.ssa R. P. en rapporteur Dott. C. F., verduidelijkt de toepasbaarheid van het "ne bis in idem" op het gebied van preventie, maar met een fundamentele precisering.
Op het gebied van preventieve maatregelen is het principe van "ne bis in idem" toepasbaar, maar de preclusie van het rechterlijke oordeel werkt alleen "rebus sic stantibus", zodat, indien aanvullende elementen worden verkregen, voorafgaand aan of na het rechterlijke oordeel, maar niet geëvalueerd, dit de herwaardering van de gevaarlijkheid voor de toepassing van een eerder ingetrokken persoonlijke of vermogensmaatregel niet verhindert.
Deze uitspraak is verhelderend: het rechterlijke oordeel sluit alleen uit "zolang de omstandigheden hetzelfde blijven". Als er "aanvullende elementen" naar voren komen, zelfs als deze voorafgaand aan het rechterlijke oordeel bestonden maar niet werden geëvalueerd, kan de situatie opnieuw worden beoordeeld. Dit voorkomt dat een onvolledige beoordeling noodzakelijke maatregelen voor de openbare veiligheid belemmert, in lijn met eerdere conforme uitspraken (nr. 47233 van 2016 en nr. 600 van 2010 Sezioni Unite).
De gevallen die een nieuwe beoordeling mogelijk maken, omvatten:
De uitspraak nr. 29437 van 2025 herhaalt dat de bescherming van de gemeenschap en de preventie van criminaliteit niet mogen worden belemmerd door een rigoureuze interpretatie van het "ne bis in idem" wanneer de sociale gevaarlijkheid dynamisch is. Het principe garandeert rechtszekerheid, maar kan nieuwe omstandigheden niet negeren. Het begrijpen van deze nuance is cruciaal in het complexe landschap van preventieve maatregelen.