Warning: Undefined array key "nl" in /home/stud330394/public_html/pages/blog-articolo.php on line 42

Warning: Cannot modify header information - headers already sent by (output started at /home/stud330394/public_html/pages/blog-articolo.php:42) in /home/stud330394/public_html/template/header.php on line 61
Voorkeursfaillissement: Cassatie en de "Ex Ante" Vaststelling van Insolvabiliteit (Arrest nr. 24728/2025) | Advocatenkantoor Bianucci

Voorkeursfaillissement: Cassatie en de "Ex Ante" Beoordeling van Insolvabiliteit (Arrest nr. 24728/2025)

Het beheer van een bedrijf in crisis is een zware taak, en elke beslissing kan aanzienlijke juridische gevolgen hebben. Het Hooggerechtshof van Cassatie heeft met arrest nr. 24728 van 2025 een fundamentele verduidelijking gegeven inzake frauduleus voorkeursfaillissement. Deze uitspraak is essentieel om te begrijpen wanneer een betaling, gedaan door een bedrijf in moeilijkheden, een misdrijf kan vormen, en daarmee het beginsel van "par condicio creditorum", oftewel gelijke behandeling van schuldeisers, ondermijnt. Laten we de door het Hof vastgestelde beginselen analyseren in de zaak waarbij beklaagde M. A. betrokken was.

Het Delict van Voorkeursfaillissement: Bescherming van de "Par Condicio Creditorum"

Voorkeursfaillissement, geregeld in artikel 216, lid 3, van de Faillissementswet (nu geïntegreerd in het Wetboek van Crisis en Insolvabiliteit), doet zich voor wanneer een insolvente ondernemer betalingen verricht ten gunste van sommige schuldeisers ten nadele van anderen. Deze handeling schendt de "par condicio creditorum", een kernbeginsel dat gelijke behandeling van alle schuldeisers oplegt, behoudens wettige redenen van voorrang. Het doel is te voorkomen dat de ondernemer willekeurig bepaalde personen bevoordeelt, waardoor de eerlijke verdeling van het vermogen wordt verstoord. Het arrest, voorgezeten door R. P. en met rapporteur F. C., verduidelijkt de voorwaarden voor de toepasbaarheid ervan.

Inzake faillissementsdelicten is voor de vaststelling van het objectieve element van het delict van frauduleus voorkeursfaillissement de verificatie vereist, met een "ex ante" beoordeling, van het bestaan van indicatoren van insolvabiliteit, bestaand of aanstaande, op het moment van de betwiste betaling, zodanig dat deze laatste de "par condicio creditorum" in gevaar brengt.

Deze uitspraak van Cassatie is doorslaggevend. Het is niet voldoende dat een betaling "voorkeurs" had; het is noodzakelijk aan te tonen dat het bedrijf op het moment van die betaling reeds in een staat van insolvabiliteit verkeerde – of op het punt stond daarin te geraken – en dat deze toestand afleidbaar was uit objectieve "indicatoren". De uitdrukking "ex ante" is de kern: het oordeel over de insolvabiliteit moet gebaseerd zijn op de situatie van het bedrijf op het moment van de betaling, niet achteraf. Alleen als op dat moment concrete tekenen van crisis aanwezig waren, en de betaling de gelijke behandeling van de andere schuldeisers heeft aangetast, kan het misdrijf worden vastgesteld.

De "Ex Ante" Beoordeling: Indicatoren van Insolvabiliteit

Het beginsel van de "ex ante" beoordeling vereist een prospectieve analyse van de financiële gezondheid van het bedrijf, gebaseerd op concrete elementen die wezen op een onomkeerbare of dreigende crisis. Het arrest benadrukt de noodzaak om "indicatoren van insolvabiliteit" te identificeren, waaronder:

  • Systematische betalingsachterstanden.
  • Protesten of executieprocedures.
  • Toenemende schuldenlast.
  • Aanhoudende bedrijfsverliezen.
  • Moeilijkheden bij het verkrijgen van krediet.

Deze signalen, indien aanwezig, kunnen erop wijzen dat het bedrijf zich in een toestand bevond die de betwiste betaling onrechtmatig maakte. Het Hof van Beroep van Ancona, waaraan de zaak is verwezen, zal deze criteria nu moeten toepassen.

Conclusies

Arrest nr. 24728 van 2025 van Cassatie Afdeling 5 versterkt de bescherming van de "par condicio creditorum", en biedt een duidelijkere leidraad voor de beoordeling van het gedrag van de ondernemer in crisis. De nadruk op de "ex ante" beoordeling en op objectieve indicatoren van insolvabiliteit maakt het normatieve kader duidelijker, ten gunste van zowel schuldeisers als ondernemers. Deze uitspraak, gebaseerd op de artikelen 216, lid 3, en 223 van de Faillissementswet, onderstreept het belang van gekwalificeerd juridisch advies om de complexiteit van het ondernemingsstrafrecht te navigeren en risico's te voorkomen.

Advocatenkantoor Bianucci